Stuff to think about

Een temperatuurstijging van 1,5 graden Celsius wordt algemeen beschouwd als het toelaatbare maximum om de meest gevaarlijke gevolgen van de klimaatcrisis te vermijden. Nu blijkt uit onderzoek dat we die limiet verdraaid snel naderen.

De kans dat we in 1 van de komende 5 jaren gedurende een heel jaar door de 1,5 graden schieten is 20%. De kans dat we de komende 5 jaar een maand lang door de 1,5 gradengrens schieten is maar liefst 70%.

En laten we ons geen illusies maken, als we niet de komende 5 jaar erdoorheen schieten, dan gebeurt dat wel in de jaren erna. Eerder schreef ik al dat het 1,5 gradendoel al niet meer haalbaar is. En dat het 2 gradendoel alleen bij extreem snelle en ingrijpende actie nog te halen is.

De uitstoot van broeikasgassen neemt immers nog steeds toe en de natuurlijke opnamecapaciteit van de aarde neemt snel af (regenbossen, oceanen). En ondertussen blijft de transitie naar een koolstofarme economie achter.

Het ongemak daarover groeit in politiek, bedrijfsleven en maatschappij, maar het kantelpunt richting een snelle reductie van CO2 is nog niet bereikt. En gegeven het feit dat het tijd kost maatregelen te besluiten en te implementeren, zal nog veel tijd verloren gaan voor de trendbreuk richting dalende emissies kan worden ingezet.

Stuff to think about

Dit alles roept veel vragen op:

  1. hoe snel zal ze klimaatverandering versnellen? Kijkend naar wat er in Siberië en de poolkringen gebeurt lopen we ver voor op wat klimaatmodellen hebben voorspeld.
  2. Welke duistere gevolgen voor ons dagelijkse leven gaat die verandering hebben? Los van stijgende temperaturen voorspelt de WMO meer stormen boven Europa. Overigens zijn de gevolgen in andere delen van de wereld nu al veel levensbedreigender.
  3. Wanneer dringt het besef van een duistere toekomst door bij grote delen van de bevolking en wat voor reacties levert dit op? Denk aan de 5 stadia van rouw en je krijgt een eerste indruk. Dit zal zonder twijfel doorwerken in de politieke stabiliteit en daarmee het vermogen om o.a. voortvarend klimaatbeleid te voeren.
  4. Voeg dit alles bij de onzekerheid die het coronavirus met een 2e golf (en meer) nog steeds vormt voor de economie, en het zal geen verrassing zijn dat we zoiets als economische stabiliteit wel kunnen vergeten. Eerder zullen we een aaneenschakeling van verstorend nieuws zien.

Mobilisatie richting verkiezingen

Wat we nu hard nodig hebben is een mobilisatie van het urgentiegevoel in brede delen van de bevolking, zodat dit ook doorwerkt in de samenstelling van de Tweede Kamer. Begin volgend jaar zijn er immers verkiezingen.

Laten we ervoor zorgen dat klimaat het nummer 1 thema wordt, en blijft. En laten we iedereen die het nog heeft over het 1,5 gradendoel confronteren met het feit dat dit doel helaas al onhaalbaar is door het jarenlang de kop in het zand steken en het hartstochtelijk berijden van stokpaardjes.

Coronacrisis en klimaatcrisis

Terwijl het Coronavirus zich angstig voorspelbaar verder verspreidt, is het moment daar om eerste raakvlakken en parallellen tussen de Corona- en de klimaatcrisis te onderzoeken.

1. Reactief beleid

Ik heb de indruk dat regeringen, ook de Nederlandse, tot nu toe vooral reactief op het Coronavirus opereren. Dus meer besmettingen leiden tot stringentere maatregelen. Dit om het (veronderstelde) draagvlak bij de bevolking te behouden en de economie zo min mogelijk te schaden. Daarmee loop je wel het risico op grote ellende omdat je straks gewoon te laat bent. Net als bij de klimaatcrisis.

2. Bloedbad op de beurzen

Volgens analisten worden de grote verliezen op de beurzen vooral veroorzaakt door de onzekerheid over hoe groot de Coronacrisis gaat worden en hoe lang zij gaat duren. Na een tornado weet je al snel hoe groot de schade en kun je maatregelen nemen. Dat is nu niet zo en beleggers haten onzekerheid. Dat zal bij de klimaatcrisis niet anders zijn. Zodra het inzicht doordringt dat de klimaatcrisis bedrijfswinsten laat krimpen en dit effect eerder zal toenemen dan afnemen, zullen de beurzen vergelijkbaar reageren.

3. Meer lokaal leven en produceren

De Coronacrisis kan een impuls zijn voor ontwikkelingen die ons ook bij het bestrijden van de klimaatcrisis goed van pas komen. Denk bijvoorbeeld aan meer lokale productie, minder vliegen, meer thuis werken en meer teleconferencing. Iets wat in het dit bericht ‘learning to localize’ wordt genoemd.

DW.com, Coronavirus and climate change: A tale of two crises, bron: https://www.dw.com/en/coronavirus-climate-change-pollution-environment-china-covid19-crisis/a-52647140

4. Internationale samenwerking

Het bestrijden van een pandemie vraagt om internationale samenwerking, op zijn minst om internationale afstemming. Want afgestemde maatregelen hebben meer effect, en je wilt elkaar zeker niet verrassen of voor het hoofd te stoten. Vooralsnog ziet het er echter niet naar uit dat er veel wordt samengewerkt. Landen zijn toch nog vooral bezig met hun eigen op maat gemaakte maatregelenpaketten. Laten we hopen dat ze inzien dat samenwerken wel degelijk handig is voor iedereen. Dat zou ons ook bij de aanpak van de klimaatcrisis goed van pas komen.

5. Solidariteit

Solidariteit, oftewel het verdelen van de pijn, is een centraal thema bij zowel de Coronacrisis als de klimaatcrisis. Bij de Coronacrisis gaat het er om hoeveel hulp er voor de zwaksten beschikbaar komt. Dat kunnen zieken zijn, maar ook ondernemers die hun omzet verliezen of werknemers die hun baan verliezen. En de vraag is ook hoe de overheid haar extra uitgaven gaat financieren: gaan grote ondernemingen en de rijkeren hier extra aan meebetalen? Bij de klimaatcrisis is het juist de vraag wie gaat betalen voor de kosten van de energietransitie en van de schade die klimaatverandering nu en straks veroorzaakt. Dat geldt zowel binnen landen als tussen landen.

6. Never waste a good crisis

Terwijl de economie noodgedwongen krimpt omdat mensen ziek zijn of thuis (moeten) blijven, neemt de uitstoot van broeikasgassen en andere ellende flink af, net als in voorgaande recessies. Maar zodra de economie weer aantrekt, schieten de emissies net zo snel weer omhoog. Is dit niet een ideaal moment om vanuit de overheid te sturen op een vergroening van de economie? Dus na afloop van de pandemie bewust sturen op het bevorderen van sectoren die goed zijn voor biodiversiteit, circulariteit, diervriendelijkheid en het klimaat? Je kunt geld immers maar 1 keer uitgeven, nietwaar?
Alleen… ondertussen zet de EU zet een fonds van 25 mrd op om de klappen van het Coronavirus op te vangen. In principe een goed idee, maar wordt dit geld dan meteen ook ingezet om te sturen in de richting van een circulaire en fossielvrije economie? Daar lijkt het helaas nog niet op: “Vooral het midden- en kleinbedrijf en sectoren die het meest geraakt zijn krijgen de aandacht.” Het zou dus goed kunnen dat de status quo bevestigd wordt, en daarmee bijvoorbeeld ook de zo schadelijke luchtvaartsector.

Zie je meer raakvlakken of parallellen? Vul ze aan!

Versterkt de vertrouwenscrisis de klimaatcrisis?

Denk je ook wel eens: hoe komen we in hemelsnaam uit deze klimaatcrisis? En op wie kunnen we dan vertrouwen om daarin een belangrijke rol te spelen? En dat je er dan niet goed uitkomt? Dan ben je niet de enige, blijkt uit onderzoek van Edelman, een communicatie-adviesbureau. Er lijkt sprake van een heuse vertrouwenscrisis. Versterkt de vertrouwenscrisis de klimaatcrisis?

Weinig vertrouwen in instituties

Edelman publiceerde onlangs de 2020 Edelman Trust Barometer, voor meer informatie klik hier. Ik bespreek 2 onderwerpen uit dat onderzoek.

Uit het onderzoek in 28 landen – waaronder ook Nederland – blijkt dat veel mensen zich zorgen maken over:

  • de toekomst, en hun plaats daarin;
  • de toenemende ongelijkheid;
  • de economie (in antwoord op de stelling: ‘over 5 jaar gaat het mij of mijn familie beter dan nu’).

Ook is er weinig vertrouwen in instituties. Vertrouwen definieert Edelman als volgt:

“Trust is built on competence and ethics”

De respondenten is gevraagd hoe zij aankijken tegen NGO’s, government, media en business. Het blijkt dat respondenten NGO’s als enige een positieve ethische waarde toekennen. Business wordt als enige als competent beoordeeld (competent: ‘de institutie is goed in wat zij doet’). Government scoort het slechtst op beide aspecten. Zie ook de volgende figuur:

Bron: 2020 Edelman Trust Barometer

Opvallend en tegelijkertijd zorgwekkend is het lage vertrouwen in government. Zelfs in een land als Duitsland is het vertrouwen in de overheid onder de 50 procent gezakt.

Bron: 2020 Edelman Trust Barometer

Overigens scoort Nederland van de onderzochte landen bovengemiddeld op vertrouwen in instituties. De percentages vertrouwen in government, media en business zijn respectievelijk: 59, 58 en 62 procent. Alleen op vertrouwen in NGO’s scoort Nederland lager dan gemiddeld: 50 procent.

Problematisch kapitalisme

Een andere opmerkelijke uitkomst betreft het antwoord op de vraag of men vertrouwen heeft in het huidige kapitalistische systeem. Een meerderheid van 56 procent is het eens met de stelling ‘kapitalisme zoals we dat nu kennen doet meer kwaad dan goed’. In Nederland is zelfs 59 procent het daarmee eens.

Bron: 2020 Edelman Trust Barometer

Vertrouwenscrisis als belemmering

Wat voor conclusies kunnen we hier nu uit trekken? Om te beginnen moet worden opgemerkt dat de klimaatcrisis niet expliciet in het onderzoek aan de orde is gesteld. Dus wanneer ik hier de link met de klimaatcrisis leg, dan is dat geheel voor mijn rekening.

Dat gezegd hebbend, durf ik wel de conclusie aan dat de instituties zoals we de nu kennen niet als een grote hulp worden gezien bij het te lijf gaan van de klimaatcrisis. Plus van alle andere crises waar we mee worstelen, denk bijvoorbeeld aan de afname van biodiversiteit en de toenemende ongelijkheid.

Mensen zien instituties als weinig competent en als weinig ethisch gedreven. Beide competenties hebben we echter hard nodig om een effectieve aanpak te ontwikkelen en daar draagvlak voor te creëren. Dat geldt helemaal voor de overheid die moeilijke knopen moet doorhakken, bijvoorbeeld over een rechtvaardige verdeling van de lasten van de energietransitie. Op het moment dat er weinig vertrouwen is in deze en andere instituties, staat de strijd tegen de klimaatcrisis eigenlijk al met 1-0 achter. Dat is geen goed nieuws. Versterkt de vertrouwenscrisis de klimaatcrisis?

Vertrouwenscrisis als kans

Positief geredeneerd betekent de vertrouwenscrisis dat er grote behoefte is aan verandering. En hoe meer mensen behoefte hebben aan verandering, hoe groter de kans dat die er ook komt. Veranderen is immers mensenwerk en ook instituties worden bevolkt door mensen. Mensen kunnen al samenwerkend van onderop vertrouwen herstellen en verandering tot stand brengen.

In die zin is ook de onvrede over het huidige kapitalistische systeem hoopvol. Kennelijk is er behoefte aan een flinke aanpassing. Laten we hopen dat dit een systeem oplevert dat leidt tot minder vervuiling, verlies aan biodiversiteit, klimaatverandering en ongelijkheid. Op die manier kan de vertrouwenscrisis iets moois opleveren.

Ondernemingen slecht voorbereid op klimaatverandering

De bekende consultancy McKinsey heeft de gevolgen van klimaatverandering voor de economie onderzocht, en die gevolgen zijn niet mals. Honderden miljoenen mensenlevens en biljoenen dollars staan op het spel.

Kop van een bericht over het rapport van McKinsey op de website van CNBC

Klimaatverandering wordt steeds meer (ook) als economisch probleem gezien. Overheden en bedrijven doen er goed aan zich beter voor te bereiden om schade te voorkomen / beperken. En natuurlijk om hun uitstoot van broeikasgassen zo snel mogelijk terug te dringen.

Bedreigingen voor economie en mensen

Een bedreiging voor de economie is bijv de stijgende temperatuur van de oceanen, waardoor minder vis wordt gevangen. Dit raakt wereldwijd 800 miljoen mensen.

In India zorgen de stijgende temperaturen ervoor dat het aantal werkbare uren op het land flink zal afnemen, waardoor jaarlijks 2,5 – 4,5% van het GDP verloren gaat. In India en andere landen wonen honderden miljoenen mensen in regio’s waar straks dodelijke hittegolven zullen toeslaan.

Bedreigingen voor ondernemingen

De gevaren voor bedrijven zitten onder meer in de supply chain, dus de aanvoer van grondstoffen, en in de distributie van producten richting afnemers. Door klimaatschade kunnen deze ketens verstoord raken. Bovendien kunnen de prijzen van grondstoffen de hoogte in schieten. Omdat veel bedrijven nauwelijks nog eigen voorraden aanhouden, kunnen kleine verstoringen al snel grote consequenties hebben. Het lijkt er op dat McKinsey en passant een nieuwe adviesmarkt heeft ontdekt.

Beleggers moeten dealen met klimaatrisico’s

De grote vermogensbeheerder Blackrock verwacht dat het tot grote verschuivingen in beleggingsportefeuilles zal komen omdat beleggers toekomstige (klimaat)risico’s nu al gaan inprijzen, en dat die verschuivingen eerder zullen plaatsvinden dan velen denken.

Klimaatrisico’s

Volgens het Duitse beursprogramma Börsevor8 moeten beleggers zich mbt de klimaatcrisis afvragen:

  1. hoe verandert de waarde van mijn portefeuille als klimaatrisico’s straks niet meer in te schatten zijn;
  2. wat als de markt voor verzekeringen voor stormschade niet meer functioneert, dat schade van stormen en overstromingen dus niet meer te dekken is;
  3. wat als de inflatie ineens sterk toeneemt als gevolg van droogte en overstromingen waardoor oogsten kleiner uitvallen en de voedselprijzen flink stijgen?

Op zoek naar veilige beleggingen

Beleggers zullen dus op zoek moeten naar beleggingen die zo min mogelijk last hebben van deze klimaatrisico’s. Bedrijven die bijdragen aan de energie- en landbouw/voedseltransitie lijken wat dat betreft relatief veilige beleggingen. Tragisch genoeg valt er juist ook met de klimaatcrisis geld te verdienen, denk bijvoorbeeld aan het herstellen van stormschade en het produceren en transporteren van noodhulp. Daar staat tegenover dat veel sectoren een stuk onaantrekkelijker worden om in te beleggen, puur omdat de vooruitzichten onzeker of zelfs negatief worden. Zo lijkt het een kwestie van tijd dat oliemaatschappijen en bijvoorbeeld luchtvaartmaatschappijen worden geconfronteerd met om te beginnen serieuze grenzen aan hun groei en vervolgens zelfs krimp van activiteiten.

Klimaatcrisis ondergraaft economie

Meer in het algemeen hebben verschillende studies al laten zien dat klimaatverandering tot grote schadeposten zal lijden en ten koste zal gaan van de economische groei. Nog los van specifieke risico’s per sector zal dit impact hebben op het economische klimaat als geheel en daarmee ook de stemming op de beurs.

Deze analyse onderstreept nogmaals het belang om snel ingrijpende maatregelen te nemen om de uitstoot van broeikasgassen drastisch terug te dringen. Hoe eerder we de U-bocht nemen, hoe lager de schade voor mens, planeet en economie.

Klimaatcrisis toprisico volgens World Economic Forum

Van 21-24 januari 2020 vindt in Davos de 50e jaarlijkse bijeenkomst van het World Economic Forum plaats. Ter voorbereiding heeft de organisatie een rapport opgesteld over ‘global risks’.

Top 10 van risico’s

Bijgevoegde figuur geeft de top 10 van risico’s weer. Voor het eerst staat de klimaatcrisis bovenaan de lijst.

Klimaatcrisis toprisico volgens World Economic Forum

Als je het goed bekijkt hebben ook een aantal van de andere risico’s (deels) met klimaatcrisis te maken. Dat geldt bijvoorbeeld voor de ‘water crisis’ en ook voor de ‘asset bubble’. Beleggingen in fossiele bedrijven lopen groot risico op waardeverlies omdat zoals bekend de productie en het gebruik van fossiele brandstoffen zo snel mogelijk moet worden afgebouwd naar nul.

Samenwerking straat onder druk

Het WEF merkt ook op dat internationale samenwerking onder druk staat, terwijl die samenwerking juist meer dan ooit noodzakelijk is om de klimaatcrisis effectief te bestrijden. Herstel van die internationale samenwerking wordt er niet makkelijker op omdat in veel landen juist sprake is van oplopende spanningen tussen arm en rijk en politieke polarisatie. Ook in ons land is (het bestaan van en de aanpak van) de klimaatcrisis een grote politieke splijtzwam.

Bron van de figuur en meer lezen: https://www.dw.com/…/wef-risks-report-ranks-clim…/a-51997420

Klimaatdoel anderhalve graad niet meer haalbaar

Al een tijdje zat ik te puzzelen op hoe dat nou precies zit met die klimaatdoelen. Ik had het gevoel dat er iets niet klopte, dus ik ben er eens goed voor gaan zitten. Wat ik ontdekte, vond ik best wel schokkend: onze klimaatdoelen kloppen niet.

Afgesproken doelen

De zoektocht begint in 2015 met het klimaatakkoord van Parijs. Bij die klimaatconferentie is afgesproken dat de temperatuur ten opzichte van het pre-industriële tijdperk niet meer dan 2 graden Celsius mag stijgen. Bovendien is het streven om de opwarming beperkt te houden tot 1,5 graden. Dit in de hoop en verwachting dat hiermee een leefbare toekomst veilig kan worden gesteld.

Om dit doel te halen hebben EU-lidstaten met elkaar afgesproken dat de EU in 2030 minimaal 40% minder moet uitstoten. Ondertussen heeft Nederland een Klimaatwet aangenomen.

“De Klimaatwet stelt vast met hoeveel procent ons land de CO2-uitstoot moet terugdringen. De Klimaatwet moet burgers en bedrijven zekerheid geven over de klimaatdoelen:
49% minder CO2-uitstoot in 2030 ten opzichte van 1990.
95% minder CO2-uitstoot in 2050 ten opzichte van 1990.

Bron: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/klimaatverandering/klimaatbeleid

Het komt er dus op neer dat we in 2050 klimaatneutraal willen zijn. Dat wil zeggen, dat we dan nauwelijks nog CO2 uitstoten. Dat klinkt vootvarend, en het is een enorme opgave, maar gelukkig is er al veel technologie beschikbaar. En gaandeweg komen er vast en zeker nieuwe oplossingen beschikbaar.

Carbon budget

De vraag waar alles om draait is: hoeveel CO2 en andere broeikasgassen kunnen we nog uitstoten voor we over die 1,5 resp. 2 graden heen gaan? Voor deze vraag is het zogenaamde carbon budget relevant. Je zou deze term kunnen vertalen met koolstofbudget.

De optelsom van alle broeikasgassen in de atmosfeer zorgt ervoor dat steeds meer warmte wordt vastgehouden. Hierdoor warmt de aarde op. Op dit moment zijn we al een graad opgewarmd. Wetenschappers hebben uitgerekend hoeveel we nog kunnen uitstoten voordat de hoeveelheid broeikasgassen zover is toegenomen dat we over de grens van 1,5 en 2 graden heen gaan.

In de tabel staan de actuele koolstofbudgetten (bron). De percentages van 50 en 66 procent geven de kans aan dat we met dat budget inderdaad onder die temperatuurgrens blijven. De budgetten zijn uitgedrukt in gigatonnen, met ingang van 2020.

Het actuele koolstofbudget (december 2020), bron: http://constrain-eu.org

Om een kans van 50 procent te hebben om niet meer dan 1,5 graad op te warmen, mogen we vanaf 1 januari 2020 dus nog maar 395 gigaton uitstoten. Belangrijk om te weten is dat de wereldwijde uitstoot in 2019 ongeveer 43 Gt bedraagt. En dat ook na het verdrag van Parijs de jaarlijkse uitstoot nog steeds licht toeneemt.

Het 1,5-gradendoel ligt al buiten bereik

Wanneer we er even van uitgaan dat de uitstoot voorlopig 43 Gt per jaar blijft, dan betekent dit dus dat ons 1,5-gradenbudget begin 2029 op is. En dan is er nog maar een fifty-fifty kans dat we niet verder dan 1,5 graad opwarmen. Willen we meer zekerheid, 66 procent, is ons budget met de huidige uitstoot al over 5,5 jaar op. Daarna zou de uitstoot 0 moeten zijn.

Wanneer je kijkt naar waarmee we nu allemaal broeikasgassen uitstoten – wonen, eten, reizen – dan is het totaal niet realistisch om aan te nemen dat we binnen 9 resp 5,5 jaar geheel zonder broeikasgassen kunnen. De conclusie is dan ook dat het 1,5-gradendoel hiermee feitelijk al buiten bereik ligt. Ik vraag me dan ook af waarom hier niet openlijk op die manier over wordt gesproken.

En het 2-gradendoel dan?

En hoe zit het dan met het 2-gradendoel? Wanneer we met 66 procent zekerheid rekenen, kunnen we nog 23 jaar doorgaan met 43 Gt per jaar uit te stoten. Dus als we erin slagen zo snel mogelijk het roer echt om te gooien en de uitstoot te verminderen op weg naar 0 uitstoot in 2050, dan ligt het 2-gradendoel misschien nog binnen bereik.

Hierbij gelden echter 3 belangrijke kanttekeningen:

  1. Naarmate de uitstoot de komende jaren zoals nu het geval is nog verder toeneemt, is het koolstofbudget eerder op.
  2. Naarmate er meer broeikasgassen vrijkomen door bosbranden of smeltende toendra’s, betekent dit dat ons budget krimpt.
  3. De prognoses van het energieverbruik en hoe die energie wordt opgewekt, geven weinig reden om te verwachten dat de CO2-uitstoot snel zal afnemen. Het Internationaal Energie Agentschap verwacht zelfs dat de vraag naar fossiele brandstoffen nog verder toeneemt tot 2040. Tenzij er krachtig overheidsbeleid komt natuurlijk.

De Volkskrant publiceerde begin december een artikel over de klimaattop COP25 in Madrid met daarin deze figuur. Ook de krant is van mening dat we minimaal op een stijging van 2,3 graden uitkomen in 2100. In het slechtste geval kan de temperatuur oplopen met 4,3 graden.

Conclusies

Onze klimaatdoelen kloppen niet. Zo ligt het klimaatdoel van maximaal 1,5 graad opwarming feitelijk al buiten bereik. Eenieder die dit doel nog als serieuze optie noemt, begrijpt niet goed hoe het zit of wil mensen – op foutieve gronden – geruststellen.

De vraag is of het 2-graden doel nog binnen bereik ligt. Met het huidige doel om in 2050 klimaatneutraal te zijn gaan we dat doel in ieder geval zeker niet halen. Temeer omdat de energievraag nog verder toeneemt en het aandeel fossiele brandstoffen daarin ook. Het antwoord op de vraag is dus ‘nee’, tenzij op korte termijn het roer omgaat. En dat betekent op grote schaal energie besparen, fossiele brandstoffen afbouwen en het massief investeren in hernieuwbare energiebronnen.

Het gegeven dat net de klimaatconferentie COP25 in Madrid zonder resultaten is afgelopen, biedt wat die ommezwaai op korte termijn betreft weinig hoop. Het recept dat overblijft is om de druk op politiek en bedrijfsleven verder te verhogen en zelf actie te ondernemen.

Verder lezen

Lees hier meer over het verschil tussen een opwarming met 1,5 en 2 en 4 graden Celsius.

Lees hier meer over het Verdrag van Parijs en zijn weeffouten (Wikipedia)

Good cop or bad cop

Ik durf te wedden dat de meesten die met het klimaat bezig zijn dit dilemma herkennen. Communiceer ik vooral positief nieuws of laat ik vooral zien dat de mensheid veel te traag in actie komt? Mensen schijnen slecht nieuws te negeren. En misschien erger nog: slecht nieuws zou zelfs kunnen leiden tot een apathische of defaitistische houding. “Als het zo groot is, dan maakt mijn kleine bijdrage ook niet uit.”

Goede voorbeelden daarentegen geven een positief gevoel en moedigen aan die goede voorbeelden te volgen. Vooral als degenen die het goede voorbeeld geeft, dicht bij je staan. Peer-to-peer-beïnvloeding heet dit mechanisme met een duur woord. ‘Goed voorbeeld doet volgen’ luidt niet voor niets een bekend Nederlands spreekwoord. ‘Handelingsperspectief bieden’ noemen beleidsmakers dit. Oftewel: mensen zijn kuddedieren die zich voortdurend spiegelen aan hun omgeving.

If the world were a bank it would already have been saved

Alle tijd van de wereld

Als we alle tijd van de wereld zouden hebben, zou ik groot voorstander zijn van alleen positief nieuws. Alleen… die tijd hebben we niet meer. Alle tekenen wijzen er op dat het klimaat veel sneller verandert dan we dachten. Dat is een best wel schokkend inzicht. En het vereist dus ook veel snellere actie.

Maar ondertussen zie ik om mij heen vooral veel business as usual. Mensen gaan gewoon op vakantie, de EU ruziet over een nieuwe baas en Shell blijft olie en gas oppompen. Schiphol mag verder groeien en het kabinet gaat niet voldoen aan het Urgendavonnis. En het klimaatakkoord hangt aan elkaar van maatregelen die verder moeten worden uitgewerkt. Het kabinet vermijdt zorgvuldig elk signaal dat we in een precaire situatie zitten. Vermoedelijk omdat het vreest dat de achterban dat soort nieuws slecht trekt. Om gek van te worden. De wereld lijkt wel in coma.

Fridays for Future Germany

Het is niet dat er niets gebeurt of dat het klimaat niet leeft. In Duitsland heeft de groene partij bij de Europese verkiezingen gigantisch gewonnen. De klimaatcrisis is daar ineens een groot issue, en de traditionele partijen zagen het niet aankomen.

Al ruim 6 maanden gaan er elke vrijdag tienduizenden scholieren en ook steeds meer ouders en grootouders de straat op. Ondertussen groeit bij hen de frustratie omdat de politiek het protest eerst wegwimpelde en nu maar niet tot besluiten kan komen. Het is geen gewaagde voorspelling dat steeds meer mensen zich zullen aansluiten bij groepen zoals Extinction Rebellion die vreedzaam protesteren op basis van burgerlijke ongehoorzaamheid.

Hoe verder?

Maar hoe gaat het nu verder? Meerdere scenario’s zijn denkbaar. Het meest waarschijnlijke vind ik een scenario dat er versneld meer draagvlak groeit voor ingrijpende maatregelen. Eerst nog wat schoorvoetend maar dan steeds rigoureuzer. Denk bijvoorbeeld aan een besluit de luchtvaart niet te laten groeien en wat later zelfs te laten krimpen. Er zal een moment komen dat de grote politieke partijen ‘om’ zullen gaan. Dat ze wel ‘om’ zullen moeten omdat de kiezers dat vragen. De vraag is alleen hoe snel ‘snel’ zal zijn. En hoeveel klimaat en wereld dan nog over is.

Ondertussen moeten we het hebben van positief nieuws én van acties die laten zien dat het draagvlak groeit. Maar mensen mogen ook niet denken dat het vanzelf wel goedkomt. Dus we hebben ook berichten en acties nodig die laten zien dat we geen tijd te verliezen hebben. Good cop or bad cop, we hebben ze allebei nodig.

En verder is het wachten op het moment dat BN-ers zich uitspreken over de klimaatcrisis. Liefst in combinatie met positieve veranderingen in hun lifestyle. Wie durft de eerste te zijn?

Naar een duurzaam systeem

Van onduurzaam naar duurzaam

Het is duidelijk dat ons huidige systeem van produceren en consumeren niet duurzaam is. Behalve over het economische systeem hebben we het dan ook over ons politiek-maatschappelijke systeem. De verschillende deelsystemen zijn namelijk nauw met elkaar verweven.

Zolang we bijvoorbeeld vliegen bevoordelen door er geen belasting op te heffen, is het niet vreemd dat mensen blijven vallen voor de verleiding van veel te goedkope tickets. En zolang we geen statiegeld heffen op kleine PET-flesjes en drankblikjes, zullen veel van die verpakkingen in de natuur belanden en niet worden hergebruikt.

Daarom moeten we ons systeem op zo’n manier veranderen dat duurzaam produceren, consumeren en handelen de standaard wordt.

Vragen over een duurzaam systeem

Maar hoe een systeem dat wel duurzaam is er in de praktijk uit ziet, is nog niet echt duidelijk. En kunnen we daar komen door ons huidige systeem om te vormen? Of is een radicale breuk met ons huidige systeem de enige weg om een duurzaam systeem te kunnen creëren? En hoeveel keuzevrijheid hebben producenten en consumenten in zo’n duurzaam systeem?

The future is NOW

De antwoorden op deze vragen zouden veel mensen kunnen helpen om versneld duurzame stappen te zetten. Het is immers makkelijker zekerheden los te laten als je weet wat je er voor terugkrijgt. Denk ook aan het bekende spreekwoord over het inruilen van oude voor nieuwe schoenen.

In dit blog verken ik de antwoorden op deze vragen.

Een krachtige overheid

Een eerste voorwaarde voor een duurzaam systeem lijkt mij dat er draagvlak voor is bij de bevolking. Een tweede voorwaarde is vervolgens een krachtige overheid die in staat is om te sturen. Een derde voorwaarde is dat een groot aantal landen samenwerken, omdat bedrijven anders teveel kansen hebben om elders verder te vervuilen. Bovendien zijn veel grote milieuproblemen grensoverschrijdend.

Donuttheorie als uitganspunt

Het lijkt mij dat de donuttheorie van Kate Raworth kan dienen als blauwdruk voor een duurzaam systeem. Kate laat zien dat we zodanig met de beschikbare hulpbronnen moeten omgaan dat we de sociale behoeften van de mensen vervullen zonder dat we de grenzen die de planeet ons stelt, overschrijden. Daarmee stellen we niet langer de economie centraal, maar de menselijke behoeften binnen de grenzen van de planeet. Meer hierover kun je lezen in mijn eerdere blog.

Kiezen en sturen

Maar hoe creëren we nou een duurzaam systeem? Ik denk dat het antwoord eigenlijk simpel is, namelijk door (1) er echt voor te kiezen en (2) er consequent op te sturen. Voor die sturing kunnen we een aantal krachtige instrumenten inzetten waar we al over beschikken:

  • belastingtarieven, heffingen, accijnzen, subsidies;
  • wetten en regelgeving;
  • toezicht en handhaving;
  • vergaande internationale samenwerking.

Resultaten

Duurzaam kiezen en sturen levert het volgende op:

  • producenten en consumenten maken duurzame keuzes want
    • vervuilende producten en diensten zijn peperduur of bestaan niet meer;
    • producten worden zo gemaakt dat ze energiezuinig zijn, lang meegaan en maximaal kunnen worden hergebruikt;
    • ecocide wordt strafbaar: ondernemers die het milieu vervuilen, worden persoonlijk vervolgd;
    • aandeelhouders in bedrijven die het milieu vervuilen, zijn persoonlijk aansprakelijk voor de schade (nu kunnen aandeelhouders maximaal de waarde van hun aandelen verliezen).
  • alle energie- en milieubesparende technologieën en werkwijzen worden overal in de samenleving toegepast;
  • de biodiversiteit wordt hersteld;
  • het dierenwelzijn wordt sterk verbeterd;
  • de inkomensverdeling wordt veel rechtvaardiger, omdat de sterkste schouders echt de zwaarste lasten dragen. Belastingontwijking is niet meer mogelijk;
  • de rechten van toekomstige generaties op een gelijk aandeel in natuurlijke rijkdommen worden wettelijk beschermd.

Keuzevrijheid

Maar hoeveel keuzevrijheid hebben producenten en consumenten in zo’n duurzaam systeem? Dat is een belangrijke vraag, want sommigen vrezen dat in een duurzame toekomst de overheid veel zaken voor ons bepaalt. Mensen die van grote woorden houden, spreken zelfs van een ecodictatuur.

Om te beginnen is het goed om te beseffen dat we een nieuwe richting moeten inslaan omdat we met ons huidige systeem geen schijn van kans maken om te overleven. Het neoliberalisme heeft laten zien geen oplossingen te hebben voor milieu, klimaat en ongelijkheid. Daarom denk ik dat we er niet aan ontkomen een deel van onze (neoliberale) vrijheid, namellijk het recht om te vervuilen, op te geven. Mensen met een vervuilende levensstijl zullen dit inderdaad als bedreigend ervaren. En dat geldt ook voor mensen die hechten aan een kleine overheid, lage belastingen en weinig regels. De samenleving zal zich ontwikkelen in de richting van meer feminiene waarden. Meer met en voor elkaar (en de planeet) in plaats van tegen elkaar.

Maar een duurzame samenleving komt er niet zomaar. Een voorwaarde voor een duurzame samenleving is namelijk draagvlak onder de bevolking. Want zonder draagvlak gaat zo’n transformatie helemaal niet werken. Binnen het raamwerk van duurzame regels heeft een ieder het recht om zelf zijn of haar leven in te richten en producten te kopen. Dat geldt ook voor ondernemers.

Draagvlak versus weerstand

Vanwege het benodigde draagvlak zal de transformatie waarschijnlijk niet in één klap plaatsvinden maar geleidelijk gaan. Omdat mensen zich vaak snel aan nieuwe omstandigheden aanpassen, geeft een stapsgewijze transformatie tijd om te wennen aan de veranderingen. Om bijvoorbeeld af te kicken van onze op fossiele brandstoffen gebaseerde economie in overdrive. Daarbij verwacht ik dat zo’n duurzame samenleving veel aantrekkelijke kanten zal hebben omdat ze veel socialer, groener en schoner zal zijn.

De grote vraag is echter of de bestaande belangen zullen toestaan dat de aanpassing op tijd plaatsvindt. Dus nog voordat de verschillene natuurlijke systemen het begeven en daarmee ook onze economieën en samenlevingen.

Er zijn immers velen die belang hebben bij het voortzetten van de status quo. Bijvoorbeeld omdat ze veel geld verdienen met fossiele brandstoffen of met andere milieuvervuilende activiteiten. Of omdat ze bang zijn zich teveel te moeten aanpassen in een op duurzaamheid gerichte samenleving. Of omdat ze per definitie tegen verandering zijn.

Op dit moment is het politieke debat zeer gepolariseerd waardoor er nauwelijks vooruitgang in het klimaatbeleid is. Ik vind het dan ook moeilijk om optimistisch te zijn over een stapsgewijze aanpassing van ons systeem. In het huidige tempo is de kans levensgroot dat we niet op tijd zijn om het verschil te maken.

Big bang?

Het alternatief voor een stapsgewijze transformatie is een ‘big bang’. Dat klinkt misschien verlokkend, maar ik zie niet zo goed hoe dit in praktijk zou kunnen. Ook omdat een ‘big bang’ voor het milieu en klimaat alleen zoden aan de dijk zet als zo’n verandering in veel landen tegelijk plaatsvindt.

Het meest voorstelbare scenario voor een ‘big bang’ is misschien nog wel een enorme klimaatramp die de mensen wakker schudt. Dat zou dan wel een ramp moeten zijn die de samenleving ook weer niet te veel raakt, want we weten niet hoe de samenleving onder stress reageert. Maar ook in een ‘big bang’-scenario zullen wetten en regels moeten worden veranderd, en ook dat zal tijd kosten. Alleen zal dat in een ‘oorlogseconomie’ wellicht sneller gaan dan in het stapsgewijze scenario.

Er is ook hoop

Waar ik wel positief over ben is dat de roep om verandering op veel plaatsen steeds groter wordt. Denk bijvoorbeeld aan de honderdduizenden jongeren die onder de vlag vanFridays for Future wereldwijd staken voor een duurzame toekomst. Denk ook aan de eveneens wereldwijde beweging Extinction Rebellion die met burgerlijke ongehoorzaamheid en geweldvrij protest aandacht vraagt voor dreigende uitsterven van veel diersoorten, waaronder de mens.

En heel recentelijk is er in Duitsland een publiek debat losgebarsten over het gebrek aan betaalbare woonruimte in de steden. Er wordt nu zelfs gedabatteerd over het (tegen schadeloosstelling) onteigenen van tienduizenden goedkope woningen die eerder zijn verkocht aan investeerders en nu voor enorme bedragen worden verhuurd.

Al dit leidt ertoe dat veel politici en opinieleiders zichtbaar worstelen met hoe ze hierop moeten reageren. Mijn verwachting is dat deze oproepen tot verandering steeds verder aan kracht zullen winnen. We staan aan het begin van een turbulente tijd, en een gigantische transformatie. We kunnen niet anders.

Participatie in Air France-KLM slecht nieuws voor het klimaat

Uit heldere hemel meldde het kabinet gisteren dat het voor 680 miljoen (!) euro aandelen Air France-KLM heeft gekocht. Dat is niet alleen slecht besteed geld omdat onduidelijk is wat precies het probleem is, het is ook nog eens slecht nieuws voor het klimaat.

Een niet zo heldere hemel

Publiek belang

“Met het aandelenpakket wil het kabinet rechtstreeks invloed kunnen uitoefenen op toekomstige ontwikkelingen bij de holding Air France-KLM zodat de Nederlandse publieke belangen optimaal gewaarborgd kunnen worden.”

De vraag is wat dat publiek belang precies is. Het kabinet zegt daarover: “De positie van luchthaven Schiphol en zijn belangrijkste gebruiker KLM zijn van groot belang voor de Nederlandse economie en de werkgelegenheid. Direct en indirect zijn duizenden banen gemoeid met de luchthaven en het intercontinentale netwerk van bestemmingen van KLM. Dat netwerk is bovendien een belangrijke reden voor buitenlandse ondernemingen om zich in Nederland te vestigen.”

Het probleem volgens is volgens het kabinet dat: “De afgelopen jaren is echter gebleken dat belangrijke beslissingen over de strategie van KLM steeds vaker op het niveau van de holding Air France-KLM werden genomen. Daarnaast verliepen gesprekken over versterking van bestaande afspraken over het publieke belang (staatsgaranties) en inrichting van het bestuur moeizaam.”

De gekozen oplossing is daarom: “Met de verwerving van aandelen in Air France-KLM is nu formele invloed op het hoogste niveau binnen de holding verkregen en is het publieke belang van de Nederlandse staat beter geborgd bij toekomstige besluitvorming. ,,Rechtstreekse betrokkenheid is hiervoor noodzakelijk’’.” [Bron: Nederlandse staat koopt 12,68% van de aandelen in Air France-KLM]

Drie grote vraagtekens

  1. De vraag is of het realistisch is dat Air France-KLM ‘onze’ KLM zou gaan uitkleden. Of bijv. dwingen om vluchten via Parijs te laten lopen. KLM is de grote winstmaker van het concern met 1 miljard winst van de 1,3 miljard totaal in 2018. En ‘moeizame gesprekken’ lijken mij geen serieuze aanwijzing om te vrezen dat iemand 1 miljard winst door de wc gaat spoelen.
  2. Zelfs al zou KLM ooit in de problemen komen, is het niet zo dat Nederland daarmee onbereikbaar wordt. Evenmin zullen alle internationale bedrijven en belastingontwijkers dan massaal hun biezen pakken. Ja, het aantal bestemmingen zal in 1e instantie afnemen, maar andere luchtvaartmaatschappijen kunnen die verbindingen overnemen. En ook zijn er hubs vlakbij (Frankfurt, Parijs, Londen) die alle verbindingen bieden. En die zijn ook nog eens prima per trein bereikbaar. De onbereikbaarheid van Nederland is een vergelijkbaar angstbeeld als ons met de dividendbelasting is voorgehouden.
  3. Ook is het de vraag of het gekozen middel de oplossing is voor het geschetste angstbeeld. Want hoeveel invloed heb je nou met die 12,68%? Ja, meepraten kun je zeker, maar dan? Ik zou zeggen: lees nog eens het WRR-rapport ‘Het borgen van publiek belang’ uit 2000. Dat je de beschikbaarheid van goed brood een publiek belang vindt, wil nog niet zeggen dat je de bakker moet kopen.

Slecht nieuws voor het klimaat

Ondertussen is al lang duidelijk dat de enorme groei van de luchtvaart een groot probleem is voor het klimaat. Dat de overheid nu mede-eigenaar is, is wéér een reden om niet in te zetten op de noodzakelijke groeistop cq. krimp van de luchtvaart. Want om nou je investering minder waardevol te maken?

Dit besluit is daarmee een voortzetting van het oude groeidenken. En een besluit uit een tijd dat klimaatverandering nog niet de grootste uitdaging van de mensheid was. Pikant is ook dat deze interventie juist plaatsvindt op een moment dat er besloten moet worden over de toekomst van de luchtvaart in Nederland. Mag Schiphol groeien, mag Lelystad open?

De interventie van het kabinet lijkt mij een duidelijk signaal. De overheid is hiermee weer een stukje minder hoeder van het algemeen belang geworden.