We moeten stoppen met ons recht om te vervuilen

Hé, dat is een rare titel. Er bestaat toch helemaal geen recht om het milieu te vervuilen? Nou, ik denk dus van wel, zoals ik zal aantonen, en we hebben het hier ook nog eens over een zéér relevant en superactueel probleem.

Vliegen is slecht voor het klimaat
Vliegen is slecht voor het klimaat

 

Misschien is het zelfs de kern als we het hebben over onze milieuproblemen. We weten namelijk heel goed dat we als mensheid op een fundamenteel verkeerd pad zitten. En we weten ook dat we onze vervuilende activiteiten af moeten bouwen, om te beginnen met de uitstoot van broeikasgassen. En dat we moeten stoppen met het toebrengen van schade aan de biodiversiteit en met het opmaken van niet-hernieuwbare grondstoffen. Zie hiervoor ook mijn vorige blog over de vier transities die nodig zijn.

Maar in de praktijk gaan de daarvoor noodzakelijke veranderingen traag, héél traag. Als we zo doorgaan zelfs te traag om een leefbare aarde over te houden. En die traagheid heeft alles te maken met het vasthouden aan verworven rechten, en daarmee ook aan het ‘recht’ om de planeet te mogen vervuilen.

Intermezzo over rechten en vrijheden

In onze westerse samenleving zijn vrijheden en rechten een groot en belangrijk goed. Gelukkig maar. Zij maken dat we zonder bang te hoeven zijn kunnen zeggen en schrijven wat we willen zeggen, dat we kunnen doen wat we willen, dat we kunnen zijn wie we willen zijn. Onze rechten zijn verankerd in de Grondwet. Maar er zit ook een grens aan de uitoefening van die vrijheden, en die grens ligt daar waar de uitoefeningen van vrijheden door de één ten koste gaan van de vrijheden van de ander. Bij ons is het de onafhankelijke rechter die oordeelt over wanneer grenzen overschreden worden.

Recht om te consumeren = recht om te vervuilen

Een ander ‘recht’ dat hoort bij onze samenleving is het recht om onbeperkt te consumeren. Met andere woorden: consumeren waar je zin in hebt. Soms, als iets heel schadelijk is, stuurt de overheid het vrije consumeren bij met geboden en verboden. Of stelt ze heffingen en subsidies in om consumptie te ontmoedigen of juist te bevorderen. Maar los daarvan mag je in onze samenleving consumeren waar je zin in hebt, in de hoeveelheden die je wenst. Mits je het kan betalen natuurlijk.

Vier keer per jaar met het vliegtuig weg, dan ben je een echte wereldburger. In je eentje in een benzineslurpende SUV naar  werk of sportschool, lekker comfortabel. Hartje zomer de was drogen in de wasdroger, handig en snel klaar. Midden in de winter gezellig chillen op een terras, lekker warm dankzij de terrasverwarmer.

Deze opsomming valt eindeloos uit te breiden, maar de kern is steeds dezelfde. Voor ons plezier en gemak verspillen we energie en grondstoffen en vervuilen we ons milieu. Gewoon omdat het kan, omdat we het kunnen betalen, omdat iedereen het doet en omdat het mag. Want de overheid heeft het niet verboden, en dus mag het. Of de overheid heeft wel regels gesteld, maar handhaaft ze niet. Ziedaar het ‘recht’ om te vervuilen.

Waar hier ‘consumeren’ staat, kun je overigens moeiteloos ook ‘produceren’ invullen. Alleen geldt daarvoor nog eens extra dat je regels die in ons land gelden kunt omzeilen door elders op de wereld te produceren, je kunt lobbyen tegen lastige regels en je belastingafdracht kunt vermijden door winsten boekhoudkundig naar landen te sluizen met lage belastingen. En met de dreiging om jezelf of je winsten te verhuizen, kun je overheden ook nog eens prima onder druk zetten.

Drievoudig falen

Wat we zien is eigenlijk een drievoudig falen, namelijk van markt, politiek en maatschappij. De prikkels om niet de juiste grenzen te stellen aan vervuilende activiteiten zijn kennelijk te groot. Want (bijna) iedereen verdient eraan en heeft er plezier van. In ieder geval in de westerse landen en steeds meer ook in landen als China en India. Ga daar maar eens tegenin. En zo feesten we door met grote beloften en kleine verbeteringen. Erop hopend dat als het echt uit de hand loopt, we nog op tijd kunnen bijsturen.

De meesten van ons weten eigenlijk wel dat dit zorgeloze feestje niet meer lang op deze manier kan doorgaan. Dat onze vrijheid om te consumeren en ons ‘recht’ te vervuilen nu al ten koste gaat van anderen elders op deze planeet. En dat ze zeker weten ten koste zullen gaan van onze kinderen en kleinkinderen.

Onze liberale samenleving blaast hier dus keihard één van haar eigen beginselen op, namelijk dat de vrijheid van de één niet ten koste mag gaan van de vrijheid van de ander.

En toch laten we onze ontplooiing hier en nu evident ten koste gaan van de ontplooiing van anderen elders op deze aarde, en van de kansen op ontplooiing van toekomstige generaties. We weten het, en tòch gaan we ermee door. We laten ons verblinden door reclames voor snelle auto’s en verre vliegvakanties. Laten ons in slaap sussen door beloftes van politici. En houden ons vast aan technologische utopieën. Omdat in de toekomst altijd alles beter wordt, toch?

Tijd om de landing in te zetten

Het wordt na dit consumptiefeestje op grote hoogte dus hoog tijd dat we de landing inzetten. Als we snel zijn wordt het nog een beetje zachte landing. Hoe langer we wachten, hoe harder de landing en hoe groter de kans op een crash. En daarmee zijn we weer bij de vier transities van mijn vorige blog.

In mijn visie ligt de sleutel voor de noodzakelijke verandering bij de bevolking. Bij u, jou en mij dus. Politiek, media en bedrijfsleven hebben namelijk laten zien dat zij niet in staat zijn om het gewenste leiderschap voortvarend op te pakken. Dat is meer dan teleurstellend, wat we hebben hen hard nodig. Maar helaas zie ik deze actoren nog niet 1-2-3 ontsnappen aan de belangen en beperkingen waar zij zich in hebben laten vangen. Daarmee is de bevolking de enige overgebleven bron van noodzakelijke impulsen. Zie ook mijn eerdere blog ‘Power to the people’ over dit thema.

En uiteraard begint dit met kleine groepjes individuen voor wie de behoefte aan verandering zo groot wordt dat zij zich ervoor gaan inspannen. En naarmate die groep groter wordt, volgen politiek, bedrijfsleven en media. Omdat ze eerst de kat uit de boom kijken en geen blauwtje willen lopen.

Wat we nodig hebben zijn grote veranderingen zoals aanpassingen van wetten en sluiten van kolencentrales. Maar het gaat net zo goed om kleine veranderingen. Want veel kleine veranderingen maken één grote verandering. En ze geven bovendien een duidelijk signaal aan maatschappij, politiek en bedrijfsleven.

Wat we zelf kunnen doen

Het goede nieuws is dat we zelf heel veel kunnen doen. Geen of minder vlees eten. Niet of minder vliegen. Meer fietsen en met het openbaar vervoer. Isoleren. Zonnepanelen op het dak. Meer groen en minder stenen in de tuin. Om maar wat te noemen.

En praten, véél praten. Met familie, vrienden, buren, ondernemers en politici. Over wat er aan de hand is, waar je je zorgen over  maakt en wat je zelf eraan doet en wat anderen kunnen doen. En wat we samen kunnen doen. Want wij mensen zijn sociale wezens en vormen onze opvattingen in interactie met onze omgeving. Uit alle inputs die we krijgen uit gesprekken, media en reclame destilleren we onze meningen.

En verder natuurlijk actie voeren en druk uitoefenen op politiek, bedrijfsleven en media. Blijf niet afzijdig, toon burgerschap, laat je zien en horen! Het legertje klimaatactivisten heeft versterking nodig want er moet nog heel veel gebeuren!

Elke bijdrage telt

Een belangrijke vraag die bij veel mensen leeft is: maakt het eigenlijk uit als ik iets doe tegen klimaatverandering? Mijn kleine bijdrage tegenover de grote besluiten die in politiek en bedrijfsleven moeten worden genomen? Volgens mij kun je daar op 3 manieren naar kijken.

  1. De eerste manier is vanuit de paradox dat ieder van ons te klein is om in zijn eentje een zichtbaar verschil te maken, maar dat we samen wel verantwoordelijk zijn voor klimaatverandering, verlies aan biodiversiteit en het opraken van grondstoffen. Samen hebben we dus juist heel veel impact. En veel kleine bijdragen maken één grote bijdrage. Dus…
  2. De tweede manier om ernaar te kijken is dat elke kilogram CO2 telt. Alles wat we nu niet in de lucht blazen, zorgt de komende decennia niet voor verdere opwarming. Zo simpel is het.
  3. De derde manier is dat dat het gewoon goed voelt om dat te doen wat goed is voor de planeet. En dat het juist niet goed voelt om steeds weer dingen te doen waarvan je weet dat je ze eigenlijk niet zou moeten doen.

Alles of niets

Om de goede dingen te doen hoef je heus geen kluizenaar te worden die zich alle luxe ontzegt. Laat je niet vangen in een ‘alles of niets’-tegenstelling! Dat je denkt dat als je niet al datgene kunt of wilt doen dat goed is voor de planeet, het dan toch allemaal geen zin heeft. Doen wat binnen je mogelijkheden ligt, is al een belangrijke bijdrage. Dat zouden we allemaal moeten doen. Vergelijk het met roken. Als stoppen met roken niet meteen lukt, hoeft dat niet te betekenen dat je zoveel moet blijven roken als je deed. Minder roken is ook gewoon goed voor je gezondheid (en je portemonnee).

Ons energie- en grondstoffengebruik matigen en de biodiversiteit een boost geven, daarmee tijd kopen en ondertussen grote veranderingen afdwingen, dat is de strategie waarmee we de planeet inclusief onszelf helpen overleven.

Beïnvloedingsstrategieën

Maar hoe krijgen we onszelf – en elkaar – dan zover dat we de goede dingen gaan doen? Er zijn meerdere strategieën en daar is ook discussie over. Veel deskundigen en activisten zeggen dat je mensen niet moet confronteren en hen geen angst moet aanjagen maar ze moet verleiden. Met goede voorbeelden dus die mensen kunnen volgen, en door veranderen makkelijk en aantrekkelijk te maken.

Ik denk dat deze strategie absoluut een hele waardevolle is, maar dat deze er vanuit gaat dat we nog veel tijd hebben, en dat veranderen altijd ‘leuk’ kan zijn. Maar zoveel tijd hebben we niet, en veranderen is niet altijd alleen maar leuk.

Ik denk daarom dat we naast de verleidingsstrategie ook meer confronterend te werk moeten gaan. Mensen confronteren met hun onduurzame gedrag. De aandacht trekken, misschien met een knipoog, maar toch. De gevoelde spanning vergroten tussen wat men doet en wat men zou moeten doen. Zo werkt reclame immers ook. En het mag ook best een beetje schuren. Het gaat immers om onze toekomst!

Ik vind het spannend om met de tweede strategie te experimenteren. Het eerste resultaat daarvan heb ik als figuur bij dit blog gevoegd. Voel je vrij om hem te delen. Er zit geen copyright op 😉 En ik ben benieuwd wat je ervan vindt. Feedback is welkom!

Power to the people

Power to the people

Op 24 juni was ik bij de demonstratie van Code Rood in het Amsterdamse havengebied. Terwijl ruim 300 actievoerders een kolenoverslag blokkeerden, liep ik mee in de ondersteunende demonstratie. Het was gezellig. Ik had leuke gesprekken, maakte mooie foto’s, … en werd gegrepen door dit aanstekelijke lied(je).

Power to the people
Power to the people!
’cause the people got the power
Tell me: can you hear it?
It’s getting louder every hour

Power! Power! Poooweeeer
to the people!
’cause the people got the power
Tell me: can you hear it?
’cause we’re singing even louder

Power! Power! Poooweeeer
to the people
’cause the people got the power
Tell me: can you feel it?
We’re getting stronger by the hour

Power! Power! Power!

Hoe zit dat nou met die power?

Ik kreeg het liedje dagenlang niet meer uit mijn hoofd. En het zette me aan het denken, Want hoe zit dat nou precies met die ‘macht aan de mensen’? Of ‘macht aan het volk’? Dat is toch eigenlijk al zo? Of toch niet?

Met wat puzzelen ontstond de volgende figuur.

Bevolking - macht en invloed
Bevolking – macht en invloed

[Tip: om het schema uit te vergroten, klik op het schema en selecteer ‘view image’ of ‘afbeelding bekijken’ en vergroot het plaatje.]

Wat je ziet is eigenlijk heel simpel. De macht ligt inderdaad bij de bevolking, want die bevolking:

  • kiest de volksvertegenwoordiging (Tweede Kamer, Provinciale Staten, Gemeenteraad) van waaruit dan een regering wordt gevormd
  • betaalt belasting om de overheid en haar uitgaven te financieren
  • werkt als ambtenaar bij een overheid
  • belegt in staatsobligaties en in aandelen en financieren daarmee overheid en bedrijven
  • werkt als werknemers bij bedrijven
  • kopen als consumenten producten en diensten en bedrijven

Er zijn dus een hele hoop manieren om invloed uit te oefenen. Als je klimaatverandering wilt tegengaan, stem je op partijen die dat ook belangrijk vinden. Je koopt geen producten meer die slecht zijn voor het klimaat. Je koopt geen aandelen meer van bedrijven die het klimaat weliswaar belangrijk vinden maar er in de praktijk weinig aan doen. En natuurlijk stuur je als ambtenaar of werknemer het beleid binnen je ministerie of bedrijf bij. Door te spreken over je zorgen, door stelling te nemen, door alternatieven aan te dragen en uit te werken.

Maar ‘het volk’ bestaat niet

Het moge duidelijk zijn: op het moment dat de bevolking – of anders vertaald het volk – echt wil dat het anders gaat, gaat het ook anders. Geen twijfel over mogelijk. Kijk maar naar de beïnvloedingsmogelijkheden in het schema.

Alleen: ‘het volk’ bestaat niet. Het volk is niet eensgezind. Er is niet zoiets als een volkswil. Het is een mooie fictie, en populisten likken zich er de vingers bij af. Maar er zijn altijd meerdere meningen en stromingen. En ook als het gaat over klimaat en klimaatveranderingen is dat duidelijk het geval. Helaas, zou ik bijna zeggen. En de groep die zich grote zorgen maakt en zich er ook over uitspreekt dat het roer snel om moet, is helaas nog sterk in de minderheid.

Hoe vergroot je als minderheid je macht en invloed?

Wat betekent dat inzicht nou in de praktijk? Moeten we dan maar bij de pakken neerzitten tot we een meerderheid hebben? Nee, dat hoeft helemaal niet. Want de volgende figuur geeft nuttige inzichten over hoe besluitvorming in de praktijk in zijn werk gaat.

Macht en invloed in de praktijk
Macht en invloed in de praktijk

[Tip: om het schema uit te vergroten, klik op het schema en selecteer ‘view image’ of ‘afbeelding bekijken’ en vergroot het plaatje.]

Het gaat om trends

Wat uit het schema naar voren komt is dat zowel in de politiek als in het bedrijfsleven trends heel belangrijk zijn. Trends in voorkeuren van kiezers en consumenten. Wat vinden zijn belangrijk, en waarom? En is er een trend waarneembaar in het aantal mensen dat een issue belangrijk vindt?

Welnu, als we het hebben over klimaat en klimaatverandering, is het duidelijk dat de trend maar één kant op zal gaan. Namelijk dat meer mensen zich daar steeds grotere zorgen over maken. En dat zij van politiek en bedrijfsleven eisen dat zij het ‘oplossen’. Die trend en die richting zijn naar mijn mening onontkoombaar. Helaas, zeg ik erbij. Want zolang we in grote hoeveelheden CO2 blijven produceren zal het klimaat verder verslechteren. En die verslechtering zal steeds duidelijker worden. Nu al is duidelijk te zien dat steeds meer media hierover berichten. Bovendien: mensen zijn niet dom. Ze zijn misschien naïef, hardleers en zelfzuchtig, maar ze zijn niet dom. Mensen zullen op een gegeven moment overstag gaan en maatregelen eisen. Puur omdat het ook om hun toekomst gaat. En die van hun kinderen.

Versnellen, versnellen, versnellen

Waar het dus om gaat is de trend van de toename van het aantal mensen dat zich zorgen maakt én zich uitspreekt, te versnellen. En dan komt het toch aan op praten en discussiëren, ook in je eigen bubbel. En op actie voeren.

Wat dat laatste betreft denk ik dat de klimaatbeweging lange tijd te lief is geweest. Door vooral positief te communiceren over klimaatverandering. Want grofweg zijn er twee communicatiestrategieën om mensen in beweging te krijgen:

  1. Wijzen op de enorme, nare consequenties als we niet snel handelen
  2. Positieve voorbeelden laten zien van wat er al gebeurt en van wat mensen nu al zelf kunnen doen.

En hiermee zijn we weer terug bij mijn eerste blogpost van februari dit jaar.

Uit de kramp van alleen maar positief communiceren

Ik denk dat het gezien de urgentie tijd is om te stoppen met alleen maar positieve communicatie. Laatst las ik een interessante bijdrage op dit punt van Renee Lerzman. Zij pleit voor een èn-èn-benadering.

“Yes, things are very bad, and yes, things are likely to get worse; and yes, many people are working on mind-blowing innovative solutions; and yes, humans have tremendous capacities; and yes, it’s also really hard and frustrating; and yes, you yourself as a citizen and an individual have a vital role to play in this unfolding mess. And yes, you may feel pretty bummed out at times. If climate change feels hopeless, that’s a natural feeling to have. All the more reason to come join us. You matter.”

Renee Lerzman, How can we talk about global warming, 19 juli 2017

Ik denk dat dit een goede benadering is. En dat deze insteek ook helpt om de kramp kwijt te raken die in ieder ik voel bij het (alleen maar) positief communiceren. Omdat ik dan mijn zorgen en emoties niet mag laten zien. En omdat ik denk dat een positieve boodschap toch niet genoeg impact zal hebben om de meeste mensen in beweging te krijgen. Met de èn-èn-benadering lukt dit hopelijk een stuk beter. Laten we het snel proberen!

– Dankjewel voor het lezen van mijn blog. Feedback en tips zijn welkom!

Draagvlak voor de energietransitie: het grote dilemma

Mijn eerste blogpost gaat over de grote uitdaging waar de klimaatverandering ons voor stelt en over het grote dilemma bij het zoeken naar meer draagvlak voor de energietransitie.

De grote uitdaging

Het klimaat is aan het veranderen en de mens speelt daar een grote rol in. De belangrijkste uitdaging is nu om de meest ernstige gevolgen van die verandering te voorkomen. Dat betekent dat we de temperatuurstijging zo laag mogelijk moeten houden.

Daarbij bestaat er niet zoiets als een ‘veilige’ temperatuurstijging. Momenteel wordt ervan uitgegaan dat we met een temperatuurstijging tot 1,5 graden Celsius een goede kans maken de gevolgen ‘beheersbaar’ te houden. Inmiddels zitten we al op een stijging van 1,1 graad, dus die limiet is niet zo ver weg meer. In het klimaatverdrag dat 192 landen in Parijs hebben gesloten, is afgesproken de temperatuur niet verder te laten stijgen dan 2 graden en de toename zo mogelijk te beperken tot onder de 1,5 graden. Echter, zelfs met alle beloften van ‘Parijs’ zijn we hard op weg naar een stijging van 2,9 tot 3,4 graden in deze eeuw.

Het strand van Scheveningen. Een gevolg van klimaatverandering is stijging van de zeespiegel

 

Gevolgen van klimaatverandering

Waarom is die temperatuur zo belangrijk? Dat is omdat een hogere temperatuur meer klimaatverandering betekent en daarmee ook meer ellende voor ons mensen. Denk hierbij aan:

  • droogte en hittegolven
  • bosbranden
  • maar ook stormen en overstromingen
  • zeespiegelstijging en onderlopende kustgebieden
  • mislukte oogsten
  • dorst en hongersnood
  • economische schade en werkeloosheid
  • klimaatvluchtelingen
  • instabiele regeringen en samenlevingen.

In een volgende post zal ik ingaan op hoe dit allemaal precies samenhangt.

Stoppen met de uitstoot van CO2

De temperatuurstijging op aarde heeft alles te maken met de stijgende hoeveelheid van kooldioxide (CO2) en andere broeikasgassen in onze atmosfeer. Hoe meer van die gassen er zijn, hoe meer zonnewarmte er wordt vastgehouden. En hoe warmer het dus op onze planeet wordt. Vandaar ook de term broeikaseffect.

Om de ellende die de klimaatverandering veroorzaakt te beperken, moeten we dus de temperatuurstijging een halt toeroepen, en dat kan alleen door de uitstoot van CO2 tot nul terug te brengen. Concreet betekent dit dat we zo snel mogelijk moeten stoppen met het verbranden van olie, kolen en gas. CO2 komt namelijk vrij bij de verbranding van deze fossiele brandstoffen, die we nu nog nodig hebben voor onze energie. We moeten onze energie dus op een andere manier gaan opwekken.

Schone technologie is of komt beschikbaar

Het goede nieuws is dat we op dit moment al over veel technologie beschikken – of deze aan ontwikkelen zijn – waarmee fossiele brandstoffen overbodig worden. We kunnen de overstap naar die schone technologie maken, maar we moeten het wel echt willen en er ook in investeren.

Het grote dilemma

De vraag is dus wat er nodig is voor een snelle overstap, en het antwoord is: draagvlak! Zodra duidelijk wordt dat genoeg mensen zich zorgen maken over het klimaat en onze toekomst en dat zij die overstap echt willen, zullen politiek en bedrijven in actie komen.

Het is voor mij echt een groot raadsel waarom dat draagvlak er nog steeds niet is. Het kan toch eigenlijk niemand zijn ontgaan dat het klimaat verandert en dat de gevolgen hiervan verre van aangenaam zijn? Hoe komt het dan dat nog maar zo weinig mensen zich openlijk uitspreken vóór een toekomst zonder fossiele brandstoffen? En hoe kan het bijvoorbeeld dat ouders niet massaal een leefbare toekomst voor hun kinderen en kleinkinderen eisen? In een volgende post zal ik hier verder op ingaan.

Meer draagvlak voor de energietransitie

Waar ik het nu over wil hebben, is hoe we voor meer draagvlak voor de energietransitie kunnen zorgen. Er zijn grofweg twee communicatiestrategieën om mensen in beweging te krijgen:

  1. Wijzen op de enorme, nare consequenties als we niet snel handelen
  2. Positieve voorbeelden laten zien van wat er al gebeurt en van wat mensen nu al zelf kunnen doen.

We weten inmiddels dat veel mensen bij de eerste strategie ‘dichtslaan’, ‘afhaken’ en niet in actie komen. Naar nieuws wordt als het ware genegeerd. Zie hiervoor bijvoorbeeld ook dit uitstekende artikel van Jelmer Mommers: “Waarom we zo vaak zwijgen over het klimaat (en hoe we dat kunnen doorbreken)” in De Correspondent.

De tweede strategie werkt wat dat betreft beter. Mensen haken niet af, en komen zelf ook meer in actie. Maar het gevaar daarbij is dat velen – onterecht – denken: “Mooi, het gaat de goede kant op, het valt gelukkig mee”. En daarmee zal ook deze strategie niet snel leiden tot meer draagvlak. Het grote dilemma is dan ook: welke strategie zorgt snel voor meer draagvlak voor de energietransitie?

Feitelijke informatie en scenario’s

Ik heb lange tijd met die vraag geworsteld. Duidelijk is is dat de ‘doemstrategie’ niet werkt. Dat is trouwens ook een nogal manipulatieve strategie, terwijl ik vind dat mensen recht hebben op àlle informatie, zowel ‘positief’ als ‘negatief’. Die informatie hebben ze nodig om zich een zo goed mogelijk beeld van de situatie te kunnen vormen, nu en in de toekomst. Ik ben er daarom van overtuigd dat we alle feitelijke informatie moeten geven over wat we weten.

Zelf denk ik dat er nog heel veel schort aan de communicatie over de oorzaken en gevolgen van klimaatverandering en de mogelijkheden om er iets aan te doen. Het zou bijvoorbeeld kunnen helpen informatie in positieve en negatieve scenario’s naast elkaar te zetten, op een toegankelijke manier. Binnenkort zal ik hier een aanzet daartoe doen.

Empowerment van burgers en consumenten

Verder is het belangrijk om mensen steeds weer bewust te maken van de grote invloed die ze kunnen uitoefenen. Empowerment dus. Of het nu gaat om onze rol als consument of als burger, we kunnen ontwikkelingen de goede kant op sturen met onze bestedingen in de winkel en met onze stem bij de verkiezingen. En laat er nou toevallig binnenkort, op 15 maart 2017, verkiezingen zijn!

Meer over je invloed als consument en burger kun je lezen in hoofdstuk 6 van mijn boek ‘Korte metten met de klimaatcrisis’ dat je hier gratis kunt downloaden.

– Dankjewel voor het lezen van mijn blog. Feedback en tips zijn welkom!